Allen naar buiten voor het grote wonder!
21 januari 2026
In de winter neig je al snel tot binnen zitten. Het is wat kouder, sneller donker, minder uitnodigend dan het mooie weer van de zomer. Dat is eigenlijk het minst verstandige wat je kan doen. We zijn gemaakt om te bewegen, om zonlicht te ontvangen om te doorbloeden. Kunstmatig de bloedsomloop in stand houden met de centrale verwarming en een Ipad op schoot, leidt tot haperingen in lijf en leden. Zeker niet als op die Ipad het nieuws en pulp van dit moment maar blijft binnenstromen. Ondertussen vindt buiten het grote wonder plaats.
Nee, dat is niet de Tai Mahal, dat zijn niet de olifanten van Afrika en ook niet de pyramide van Cheops, al mogen die er ook best zijn, dat geef ik toe. Het allergrootste wonder is het Speenkruid! Wat er ook gebeurt, het speenkruid loopt weer uit, massaal. Het duwt oude bladeren op de grond opzij en heeft er zin in, de cyclus van het leven herhaalt zich, dit wil je niet missen! Opvallend hoe weinig mensen een selfie maken bij het speenkruid, hier wil je bij zijn, hier wil je gezien worden!
Je hoeft geen speenkruid te zijn om te merken dat de dagen op stiekeme wijze al een beetje lengen. Het licht is ook net even anders dan op de donkerste dag, alweer een maand geleden. Dat maakt de winter het meest optimistische jaargetijde, namelijk het enige jaargetijde waar elke dag de groei van de daglengte toeneemt. Zo, jij hebt weer een sterk verhaal voor je collega’s op je werk.
De groentes op ons veld zijn niet zo rap als het speenkruid. De zogenaamde speentjes onder de grond zijn kleine knolletjes die vroeg kunnen uitlopen. De grond is echt nog koud, maar dat maakt de dappere speentjes met een uitstekende hoeveelheid uitloop-energie niet uit. Tja, zo kan ik het ook! Mogelijk denk je meteen ‘Had de groente ook maar speentjes, dan zouden we nóg vroeger verse blaadjes van eigen tuin hebben!’ Het enige is dat de ranonkels, waartoe speenkruid behoort, niet meteen de meest eetbare planten leveren. Sterker nog, er zijn ranonkels die je leven aanzienlijk kunnen verkorten. Wij doen het dus met iets meer geduld, met echt eetbare planten, die bovendien ook net even iets meer massa produceren dan de iele blaadjes van de voorjaarsgroet van deze bijzondere plant.
Als je toch teveel binnen hebt gezeten, je weerstand en levenszin zag afnemen en bovendien ook nog de nodige virussen hebt uitgewisseld in matig geventileerde ruimtes, dan hebben wij goed nieuws! Gember in het pakket. Gember is het specerij bij uitstek bij verkoudheid en griep-achtige ellende. Je knapt bijna direct van een kop gemberthee. Het is sterk verwarmend. Ben je wat verhit van jezelf, dan zou je mogelijk wel wat moeten uitkijken met grote hoeveelheden van deze lekkernij. Overigens word je op het gemiddelde terras niet getrakteerd op de gemberthee zoals het hoort. Daar stoppen ze een dikke plak in heet water, dat is geen thee maar een slap aftreksel, iets met uilen. Van een Chinese dame leerde ik dat je gember vijf minuten moet koken. Wij snijden millimeter dunne plakjes en na vijf minuten koken heb je uitstekende thee. Wat knollen houden we ook achter voor onze eigen teelt.
Er zitten dikke pompoenen in de grote pakketten deze week. Knotsen. Het was een goed jaar en ze bleven maar groeien. ‘Stop maar, zo is het genoeg!’, riep Johan Kempenaar nog, maar praten met een pompoen voelt soms alsof je tegen een muur praat. Grotere zijn bijna onverkoopbaar en dat is onzin natuurlijk. Dus wij schieten te hulp, in overleg met de collega’s aan de pakkettenband, gelukkig zijn dat stoere bikkels. “Ja hoor, kom maar op’. Anders had ik ze wel even aan hun goede voornemens herinnerd, zoals een knots van een biceps voor op het strand deze zomer. Mocht je die egen komen, vraag dan of ’ie toevallig bij Kievit werkt! Wil jij ook je biceps trainen bij Kievit? Schrijf ons snel! En wat te doen met een dikke pompoen? Geke helpt je aan een recept!
